Generatiekloof

Daar hesen ze zich met vier de bus op. Het gangpad blokkerend, spiedde de aanvoerster naar een gepaste stee die ze in vierspan konden bezetten. Tien seconden duurde het, tot een eureka-gebaar richting de achterste banken een einde stelde aan de opeenhoping der opstappende reizigers.

Het gevolg naderde mijn omgeving. De aanvoerster plantte zich aplomb naast mij neer, zodat mijn linkerdij voor de helft gekneld raakte onder de massa van haar onderstel. Haar drie apostelen – twee van vrouwelijke en ??n van mannelijke kunne – namen onder dwang van de omstandigheden enigszins verspreid hun posities in.

Die fysiek versplinterde stellingname bemoeilijkte onloochenbaar de communicatie tussen de leden van het gezelschap. En dus begon de vereniging het aantal voortgebrachte decibeleenheden sterk op te drijven. Omzittenden ont-iPodden zich verschrikt om de toedracht van het het verbale ophef te taxeren. Opluchting alom, we worden niet gekaapt.

Frisse lucht spleet zich een weg door het openstaande dakvenster. Reizigers genoten zichtbaar van de verkoeling die hen door het muffe bus-stel tegemoet waaide. De aanvoerster merkte echter het onbehagen bij ??n van haar acolieten, die haar tronie wijd gesticulerend terugtrok in haar jaskraag om aan de verse luchtstroom te ontsnappen. Zegezeker stootte ze ??n van de rechstaande passagiers aan. Opgeschrikt door de verrassingsaanval draaide een blond heerschap zich om. Ze sommeerde hem het dakvenster dicht te klappen.

De jongeman keek onbegrijpend in het rond en keerde zich weer naar zijn gesprekspartner onder het mompelen van enkele woorden van Oost-Eurpeaanse origine. De aanvoerster ontstak in een binnensmondse furie, kreunend “dat dat geeneens Vlaams spreekt”.

Ik had onderwijl reeds enige tijd het muziekspel van mijn mp3-speler gestaakt om dit sociaal experiment met alle zintuigen gade te slaan. Maar geen vezel in mijn lijf die overwoog om me ten dienste te stellen van die hypochondrische vennootschap. Ook toen de bevelvoerster mij tien seconden strak aankeek, terwijl ik haar even strak uit-het-raam-kijkend negeerde.

Ja, edelachtbare, ik vraag dat ook die harde kern van onwillende gepensioneerden zich aanpast aan de sociale regels geldend op onze openbare transportmodi en zich als reiziger onder de reizigers gedraagt! Zonder daarom natuurlijk te veralgemenen.

Geef een reactie