Petit bourgeois

Het is gebeurd. Ik heb de definitieve stap van haveloze schertstroubadeur naar petit bourgeois gezet. Heden kust mijn zitvlak de zetel van een hoogstaardig eigendom aan de K-side van Leuven. Dat stond al langer in de notulen van mijn intern overleg en nu lag de woon- en leenmarkt er gunstig bij – al is “minder ongunstig” een adequatere omschrijving. Missie volbracht. De graanschuur van Kessel-Lo kreunt onder het voeden van nog een vraatzuchtige mond.

Mijn investering situeert zich in een buurt die in de tang ligt van de Martelarenlaan en de Tiensesteenweg. Vlakbij het borrelende centrum dus, maar dan zonder de nadelen van ondergekotste trotoirs en van balkons keilende dronkenlui.

Mijn buurt is een ruige buurt, hou ik mezelf graag voor. In gesprekken spring ik kwistig om met het enige argument dat ik daarvoor heb: op het elektriciteitshok waar mijn woonkamerraad op uitkijkt, staat in obstinate letters “class war” geschilderd. Daar eigendom diefstal is, treed ik nu aan als klassevijand in de arena van deze nooit afgestreden klassestrijd.

Heftige weken dus, die voornamelijk werden gevuld met formaliteiten als het afsluiten van een lening, schilderen en het betekenen van een levensverzekering. Ter indicatie: voor een dikke 1000 euro verzeker je vandaag al een aardig pleefiguur.

Mijn asielaanvraag in Louisville vormt het sluitstuk van de ganse operatie. Zaterdag kreeg ik daarvoor al de aimabelste der wijkagenten over de dorpel. Het is dus een kwestie van dagen vooraleer de bevolkingsregisters mijn vooruitgang in het leven zullen boekstaven.

Een gedachte over “Petit bourgeois”

Geef een reactie